Ga naar het hoofdmenu Ga naar de inhoud

Interview: alumnus Peter Linssen en zijn broers verplaatsten hun rozenkwekerij naar Ethiopië

Peter Linssen Alumnus HAS Hogeschool
  1. HAS Organisatie
  2. Actualiteit
  3. Interviews
  4. Interview: alumnus Peter Linssen en zijn broers verplaatsten hun rozenkwekerij naar Ethiopië

Het is een mooie middag als ik richting Venlo rijd voor een interview met alumnus Peter Linssen. Peter heeft samen met zijn 2 broers een rozenkwekerij in Ethiopië. De kassen in Nederland verhuren ze. Wel gebruiken ze nog een loods voor het logistieke proces en daar ben ik naar op weg. Ik kom eerst door een stuk bos en dan bij een grote parkeerplaats met een hoog gebouw. Het is stil en donker binnen. Peter en ik gaan in de kantine zitten. “Het personeel is al weg”, legt Peter uit. “Die beginnen altijd vroeg.” Er loopt een man langs die sprekend op Peter lijkt. “Een van mijn broers’, vertelt hij.

Ondernemen in Ethiopië

Wat volgt is een interessant gesprek over hoe Peter en zijn broers de rozenkwekerij verkasten naar Ethiopië, hoe het is om daar te ondernemen én natuurlijk hoe Peter terugkijkt op zijn studententijd. Peter is een nuchtere man die de kansen die op zijn pad komen aanpakt en weinig beren op de weg ziet. Enige nuchterheid heb je ook wel nodig als je besluit je onderneming te verplaatsen naar een ander land. En dan ook nog een land waar mensen niet altijd een positief beeld van hebben.

Dat beeld helpt Peter meteen uit de wereld. “Ethiopië is een opkomend land, in tegenstelling tot wat mensen misschien denken. Er is niet alleen maar honger, sterker nog: er is sprake van een enorme groeimarkt. Op de hoogvlakte waar ons bedrijf ligt, heeft iedereen te eten. Natuurlijk is Ethiopië een minder stabiel land als een land als Nederland. Maar als het Ethiopië de huidige stabiliteit weet vast te houden, ziet de toekomst er goed uit.”

Wat maakte dat jullie besloten de rozenkwekerij te verplaatsen naar Ethiopië?

“In Nederland hadden we ons bedrijf al meerdere malen uitgebreid. De laatste keer was in het jaar 2000: naar 7 hectare. Toen was de rek eruit. Verder uitbreiden zou strategisch gezien niets meer toevoegen. Omdat we graag wilden blijven groeien, zijn we andere mogelijkheden gaan bekijken. We kwamen eerst in Kenia terecht waar we begonnen met 20 hectare. Enkele jaren later gingen we naar Ethiopië. Daar hebben we nu 65 hectare rozen in foliekassen. Alle grond in Kenia hebben we weer verkocht om ons volledig op één plek te kunnen focussen.”

Waarom is een land als Ethiopië zo geschikt voor de rozenteelt?

“Rozen hebben een relatief koel klimaat nodig met niet al te veel temperatuurschommelingen. Landen rond de evenaar die veel hoogland hebben zijn het meest geschikt. Ons bedrijf in Ethiopië ligt 2100 meter boven zeeniveau. Overdag is het 25 graden Celsius, ’s nachts zakt de temperatuur tot tussen de 0-15 graden. Je werkt in zo’n land écht met de natuur. Voor een roos met een mooie felle kleur heb je zonlicht nodig. Dat krijg je in Nederland niet voor elkaar en dat maakt telen in kassen in Nederland ook zo duur, zowel in investering als in gebruik. In 2013 zijn we volledig gestopt met het telen van rozen in Nederland.”

Rozenkwekerij in Ethiopië

Wat doen jullie wel nog in Nederland?

“In Ethiopië telen we 30 soorten rozen en we kunnen handelaren een compleet assortiment bieden. Het merendeel van de productie komt naar Nederland of Duitsland. Wat niet op voorhand is verkocht, komt eerst hier naar de loods en gaat dan onder meer naar de veiling.”

Ben je vaak in Ethiopië?

“Elke week vliegt één ons richting Ethiopië. Ik ben dus elke maand wel in Afrika te vinden, maar ik leef toch vooral hier in Nederland. Ik heb een Ethiopische vrouw en 3 kinderen. Ik wil niet de vader zijn die nooit thuis is en daarom hebben we de zaken in Ethiopië goed geregeld door er om de beurt naartoe te gaan. Ook hebben we een compleet Ethiopisch management dat sturing geeft aan de ruim 1400 mensen die we in dienst hebben.”

Merk je veel van de cultuurverschillen?

“Letterlijk is het een wereld van verschil, dat klopt. Maar eigenlijk is het niet anders als hier. Ik sta er vrij makkelijk in. Natuurlijk komen we soms moeilijkheden tegen, maar daar dealen we gewoon mee. Ik vertrouw mijn medewerkers volledig. En ook als je in Nederland een bedrijf hebt, gebeurt er wel eens wat.”

Wat zijn je toekomstplannen?

“Na ons rozenbedrijf in Ethiopië opgebouwd te hebben, leek het ons goed meer diversiteit te zoeken. We kwamen in contact met Bavaria. Dit bedrijf heeft een hoofdaandeel in een brouwerij in Ethiopië. Naast Bavaria heeft de brouwerij 8000 lokale aandeelhouders. Wij besloten ook in de brouwerij te investeren. In de brouwerij wordt een Ethiopisch bier gebrouwen dat ‘Habescha’ heet. Dit betekent simpelweg ‘Ethiopisch’. Zo blijven we ons bedrijf steeds ontwikkelen en uitbouwen.”

Ooit spijt gehad van jullie vertrek uit Nederland?

“Nee. Wij hebben de keuze gemaakt voor het buitenland toen het voor de rozenteelt op zich nog niet nodig was uit Nederland te vertrekken. Maar het was de juiste keuze: van de 1000 hectare rozen in Nederland 15 jaar geleden is nu nog maar 250 hectare over. In Ethiopië zitten inmiddels veel meer Nederlandse rozenkwekers. De kosten zijn in Nederland gewoonweg te hoog en ook is het veel duurzamer: je kunt beter rozen kweken in Afrika en die naar Nederland vliegen, dan de rozen in Nederland in kassen telen. In Ethiopië gebruiken we bijna geen energie en de energie die we nodig hebben, wordt opgewekt met waterkracht.”

Hoe kijk je terug op je studietijd?

"Goed. Ik heb Tuinbouw en akkerbouw gestudeerd, ben in 1995 afgestudeerd. Een lekker praktische opleiding was het, waar ik veel aan heb gehad. Ik wist op het vwo al dat ik in het bedrijf van mijn ouders wilde werken en koos voor een brede opleiding waarin ik niet alleen tuinbouwvakken kreeg, maar ook bijvoorbeeld economische vakken. Dat heeft voor mij goed uitgepakt. Mijn kinderen zijn nu nog te klein, maar ik zal ze later adviseren zich breed te laten scholen.”

Tot slot: wat voor student was jij?

Een thuiswonende student. Ik reisde gewoon op en neer naar huis. Bij een studentenvereniging gaan kwam er niet van. Ik had in de rozen te veel te doen. Ik heb stagegelopen bij een rozenkweker in Duitsland. Ik vond het interessant eens voor iemand anders te werken en te zien hoe hij het deed. En ik kan me ook nog een leuke excursie herinneren naar Engeland. Tijdens de zeereis werd ik trouwens hartstikke zeeziek. Ik heb een leuke, nuttige tijd gehad.”